


|
Voorwaarden voor het verkrijgen van het keurmerk
- Ieder licentiehoudend bedrijf is verplicht, voortdurend minstens één
met het keurmerk aangeduid gerecht aan te bieden dat dagelijks afgewisseld
wordt.
- Behalve het dagelijks wisselende gerecht moeten minstens twee andere vegetarische
gerechten aangeboden worden die aan de keurmerkbepalingen beantwoorden.
- 3. De gerechten met licentie moeten op de menukaart met het V-logo gekenmerkt
worden. Een aanduiding van de vier ondergroepen van de vegetarische voeding
(zie schema) wordt aanbevolen. Als men van deze schriftelijke precisering afziet,
moet het personeel daarentegen geschoold worden dat in geval van vragen van
de gasten een juiste informatie geleverd wordt. Bij zelfbediening is de aanduiding
van de vier ondergroepen voorgeschreven.
De vier ondergroepen
van de vegetarische voeding |
Ovo-lakto-vegetarisch: |
Bevat ei- en melkproducten |
Lakto-vegetarisch: |
Bevat melkproducten, maar geen eierbestanddelen |
Ovo-vegetarisch: |
Bevat eieren, maar geen melkproducten |
Vegan/ Alleen plantaardig: |
Bevat geen dierlijke bestanddelen (geen eieren, geen melk, geen honing…) |
- Alle ingrediënten van de vegetarische gerechten en componenten van
het menu met
het keurmerk moeten aan de richtlijnen van het keurmerk beantwoorden. Daarbij
is het bedrijf in principe vrij zijn vegetarische producten te betrekken van
wie hij wil.Reeds keurmerk bezittende ingrediënten moeten wanneer mogelijk
de voorkeur hebben.
- Het bedrijf accepteert onverwachte steekproeven van inspecteurs met toegang
tot de
keuken en de voorraad en ondervraging van het personeel. De inspecteurs zullen
slechts
bij uitzondering meer dan één onverwachte steekproef per jaar en
per bedrijf uitvoeren.
|
|
|